Het kabinet, werknemers- en werkgeversorganisaties willen zo veel mogelijk mensen gezond de AOW-leeftijd laten bereiken. Juist bij zwaar werk vraagt dit een extra inzet van deze partijen. Daarom zijn er afspraken tussen werknemers, werkgevers en de overheid gemaakt over hoe daarbij de komende jaren wordt samengewerkt. De minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid maakte in januari 2026 samen met werkgeversorganisaties en vakcentrales bekend dat er tot en met 2030 ongeveer € 200 miljoen euro wordt ingezet voor projecten en innovaties die bij moeten dragen aan duurzame inzetbaarheid.
De minister verklaarde dat iedereen na een leven hard werken gezond wil kunnen genieten van het pensioen. Voor de meeste mensen is gezond doorwerken tot pensioen ook goed haalbaar, maar dat vraagt voor mensen met zwaar werk echt meer. De minister verklaarde het heel belangrijk te vinden dat de overheid samen met werkgevers- en werknemersorganisaties hun best gaan doen om ook deze mensen gezond hun pensioen te laten halen. Daarom worden verschillende projecten gestart om zwaar werk te verlichten en om kennis en ervaring uit te wisselen.
Zwaar werk voorkomen en verlichten
Er wordt ingezet op verschillende maatregelen. Zo komt er een subsidie voor samenwerkingsverbanden en voor het starten van projecten die zwaar werk voorkomen of verlichten. Ook komt er een financiële bijdrage aan onderzoeks- en innovatiecentrum FRAIM. Dit onderdeel van de Technische Universiteit Delft helpt, samen met TNO, bedrijven om oplossingen te ontwikkelen en toe te passen die zwaar fysiek werk minder zwaar maken.
Er komt ook geld beschikbaar voor projecten waarbij wetenschappelijke kennis of praktijkkennis over zwaar werk wordt doorontwikkeld. Deze kennis kan daardoor beter en vaker worden toegepast binnen andere sectoren door bedrijven of organisaties. Vakbonden, werkgevers en het ministerie gaan hieraan samen invulling geven gedurende de komende periode. Tot slot realiseert TNO een ‘expertisecentrum zwaar werk’ dat onder andere een kennisprogramma opzet, gericht op het verzamelen en delen van kennis rond zwaar werk, de Regeling Vervroegde Uittreding (RVU) en het verbeteren van duurzame inzetbaarheid.
Voorgeschiedenis & beleid van het nieuwe kabinet
In het pensioenakkoord uit 2019 was al afgesproken dat er 1 miljard euro beschikbaar zou komen om mensen gezond het pensioen te laten halen. Dit budget was beschikbaar tot en met 2025 en is ingezet in de ‘Maatwerkregeling Duurzame Inzetbaarheid en Eerder Uittreden’ (MDIEU). In het akkoord ‘Gezond naar het pensioen’ uit oktober 2024 is afgesproken dat de resterende middelen uit dit budget beschikbaar komen voor nieuwe projecten rondom zwaar werk en mensen gezond aan het werk houden. Naar verwachting resteert vanuit de MDIEU ongeveer 200 miljoen euro om in de periode tot en met 2030 in te zetten voor deze projecten. Bij de Voorjaarsnota 2026 wordt door het nieuwe kabinet definitief besloten over de inzet van de middelen.
Het nieuwe kabinet wil in 2026 dus ook investeren in projecten die gericht zijn op ‘Gezond naar het pensioen’. Er blijft blijvend aandacht voor de MDIEU-thema's in de rijksbegroting. Aan de andere kant heeft het nieuwe kabinet ook het voornemen om de AOW-leeftijd op termijn te laten stijgen. De AOW-leeftijd is nog niet zo lang geleden wettelijk vastgelegd en stijgt mee met de levensverwachting (67 jaar in 2026/2027, daarna vooralsnog 67 jaar en 3 maanden). Vakbonden en oppositiepartijen in de Tweede en Eerste Kamer zijn niet gelukkig met dit voornemen van het nieuwe kabinet en het is nog maar zeer de vraag of het nieuwe kabinet dit voornemen kan realiseren.
![]()
